top of page

Kriebeldierenjacht

Na een felle regenbui trekken we met onze laarzen aan naar buiten. We ontdekken enkele slakken op het terras en onder de keien en boomstronken kruipen nog meer kleine diertjes zoals regenwormen of pissebedden. Als volwassene vinden we kriebelbeesten vies, maar kinderen vinden dit net interessant.

Wat heb je nodig: een prentenboek over kriebeldiertjes tuingereedschap: schopjes en harkjes laarzen fototoestel

Inleiding: Een slakkenhuis heeft iets betoverend voor kinderen. Het boek ‘Het huis van Slak’ van Sylvia Van den Heede slaagt erin om deze magie vertederend over te brengen. Het boekje is eigenlijk bedoeld voor eerste lezers vanaf zes jaar, maar de kleurrijke tekeningen zijn prachtig en aantrekkelijk voor jonge peuters. We kijken samen in het boekje en gaan daarna op speurtocht in de tuin.

Op stap: Laat de kinderen zoveel mogelijk vrij en spontaan ontdekken. Stel open vragen: “Wat kruipt er in de aarde?” “ Wat zit er op het blad?” Neem eventueel het boekje mee om de taal verder te stimuleren. Handig is om een zwart fel papier mee te nemen om achter een spinnenweb te houden zo wordt die nog zichtbaarder voor de kinderen. Neem zoveel mogelijk foto’s van de kriebeldierenjacht en maak er achteraf een fotoboekje van om samen met het prentenboek te bekijken.

Binnen speeltip: Kleef de foto’s op een kartonnen doosje of kubus. Laat de kinderen één voor één gooien met de dobbelsteen, benoem wat er bovenaan ligt en laat ze het passend kriebeldiertje zoeken in het prentenboek

Boekentips: Van den Heede, S. (2002). Het huis van Slak. Averbode Carle, E. (2006). Rupsje nooitgenoeg. Haarlem: Gottmer Carle, E. (2006). De spin die het te druk had. Haarlem: Gottmer Horácek, P. (2012). Voor altijd samen. Haarlem: Gottmer.

17 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven
bottom of page